KARAKTER

Methode voor voortgezet technisch lezen. De lessen zijn opgebouwd vanuit drie leerlijnen: technisch lezen, vloeiend lezen en leesbevordering/literatuureducatie. Leesteksten staan centraal. In elke tekst draait het om één leesmoeilijkheid of één aspect van vloeiend lezen, zoals woordgroepen of leestekens, gedurende twee opeenvolgende lessen. Oudere doelen worden opgefrist met woordrijen en flitsen. In de eerste les staat de instructie aan de basisgroep centraal, in de tweede les de instructie aan de plusgroep en begeleide verwerking van de zwakke lezers. Elke tweede les wordt altijd afgesloten met samenlezen: duo-lezen bij technisch lezen en theaterlezen bij vloeiend lezen.

De leerlingen gaan aan eerst aan de slag met woord- en zinsoefeningen en daarna met een leestekst op maat.  De stappen die ze in de les maken worden bovendien inzichtelijk door een persoonlijk meetmoment aan het begin en het einde van de les.  

De methode bevat lessen leesbevordering en literatuureducatie voor de hele groep. Een onderwerp wordt telkens behandeld in twee opeenvolgende lessen: eerst een les literatuureducatie waarin de kinderen kennismaken met een aspect uit de jeugdliteratuur, zoals karakterontwikkeling of de kenmerken van detectiveverhalen, en daarna een leesbevorderingsles over hetzelfde onderwerp. In de leesbevorderingsles staat het samenwerken, praten over boeken, centraal

De methode kent differentiatie op 4 niveaus. Voor de sterkste lezers is er een apart plusboek. Hierin worden ze uitgedaagd met leesdoelen op een hoger AVI-niveau en een verdieping op literatuureducatie. De lessen vloeiend lezen en leesbevordering doen ze samen met de andere kinderen.

De teksten en oefeningen staan samen in leeswerkboeken. Voor de leerkracht is er een handleiding met bijbehorende digibordsoftware. Voor de sterkste lezers zijn er plusboeken. De lessen leesbevordering en literatuureducatie staan in een apart werkboek. Er zijn ook antwoordenboeken.

In elk leeswerkboek staat een karakter, een personage, centraal dat vanuit zijn of haar eigen wereld de kinderen inspireert om te lezen. In korte filmpjes op het digibord nemen ze de kinderen mee in hun (lees)wereld en vertellen ze waarom lezen zo leuk is en wat het voor hen betekent.

Karakter heeft 4 perioden van 7 lesweken en een toetsweek. In totaal biedt de methode dus lesstof voor 32 weken.

Vanaf schooljaar 2019-2020 draait de software van Karakter op het Bingel-platform. Bingel is een nieuw platform voor het basisonderwijs. Zowel de leerkracht als de kinderen werken in Bingel. Het platform ondersteunt de leerkracht tijdens het lesgeven met een digibordtool en een resultatendashboard. De kinderen oefenen in Bingel en houden zelf zicht op hun voortgang en resultaat.

In het schooljaar 2018-2019 proberen enkele scholen als vroegstartscholen de methode uit. 


Downloads
Titel informatie
Uitgave

Den Bosch : Malmberg, 2018-

Publicatiejaar

2018